contact
contact

Leer gemakkelijk redeneerfouten herkennen

Katten zijn dieren. Mijn hond is een dier. Dus mijn hond is een kat.

Redeneerfouten zijn soms makkelijk te herkennen, maar heel vaak lijken ze steek te houden tot op het ogenblik dat je ze begint te ontleden. Vandaar dat ze zo alomtegenwoordig zijn in onze gesprekken en het publieke debat. Redeneerfouten kunnen op die manier gemakkelijk aanleiding geven tot foute conclusies. In de formele logica zijn ze dan ook dodelijk. In de retorische logica kunnen ze anderzijds ingezet worden om anderen van je standpunt te overtuigen, op voorwaarde natuurlijk dat niemand de redeneerfout ontdekt.

Hieronder vind je een reeks aanknopingspunten waarmee je de meeste redeneerfouten kunt ontdekken:

1. De onjuiste premise

Indien het uitgangspunt van een argument niet juist is, kan ook de conclusie onmogelijk standhouden. Veel redeneringen geven de indruk dat je het uitgangspunt als vanzelfsprekend kunt aannemen, terwijl dat helemaal niet zo is. Vaak gebeurt dat erg subtiel. Een bezorgde burger zou bijvoorbeeld een recente overval kunnen aangrijpen om te pleiten voor meer politie op straat. De indruk wordt gewekt dat de criminaliteitscijfers stijgen, terwijl op basis van statistische gegevens net het omgekeerde waar is. Een andere manier om van een verkeerd uitgangspunt te vertrekken is de afwezigheid van een precedent als het bewijs nemen van een standpunt. Zeggen dat er nog nooit een wolf een mens heeft aangevallen, wilt niet zeggen dat het onmogelijk kan gebeuren.

2. Een verkeerd aantal keuzes of oorzaken voorstellen

Dergelijke redeneerfouten proberen bewust de complexiteit van een casus te verhullen. Vaak is minstens een van de keuzes of oorzaken dan ook nog eens een extremere variant zodat de gewilde uitkomst een meer aanvaardbaar alternatief lijkt. De persoon die tracht te overtuigen maakt dan gebruik van een vals dilemma. Stel dat je product vooral gekocht wordt door vrouwen van boven de zestig en er wordt voor gepleit enkel die doelgroep te viseren met dure offline marketingcampagnes in plaats van ook reclame te maken op sociale media. Maar misschien bestaan er wel manieren om die doelgroep te bereiken via sociale media en is de huidige afnemer van het product louter het gevolg van marketingcampagnes in het verleden? Als de potentiële markt groter is, houdt het wel steek om ook op sociale media te adverteren.

3. De premise en de conclusie zijn niet met elkaar verbonden

Redeneerfouten in deze categorie komen voor in vele vormen. Stel dat je bijvoorbeeld te horen krijgt dat vooral aandelen in een bepaalde sector het goed doen en dat je als gevolg daarvan besluit een aandeel in die sector te kopen. De premise kan dan juist zijn, het is goed mogelijk dat die sector het algemeen beter doet, maar de vraag is of dat altijd zo zal blijven en of jouw aandeel het even goed zal doen. Een variant hierop is de “slipery slope” redenering. Die gaat als volgt: als we dit ene ding toelaten, dan is algauw het hek van de dam en zullen de dijken breken. Bijvoorbeeld, als we onze medewerkers gedeeltelijk van thuis uit laten werken, zullen ze algauw allemaal op vrijdag thuis willen blijven en zal de productiviteit instorten. Het is belangrijk om altijd goed na te gaan of het uitgangspunt en de conclusie wel degelijk verband houden met elkaar, zodat je niet eindigt als de haan die ’s ochtends kraaide en dacht dat hij zo de zon liet opkomen.

Wil je meer te weten komen over hoe je redeneringen opbouwt en hoe je die inzet om anderen te overtuigen? Volg dan onze opleiding “Retorica: argumenteren en overtuigen” en pas de wijsheid van Cicero en Socrates meteen toe op je volgende brainstormsessie.